Succesfactoren voor managers

door • 11 juni 2015 • LeiderschapReacties (0)1559

“The art of management is to promote people without making them managers” (Bill Gates)

Er wordt tegenwoordig veel reclame gemaakt voor goed leiderschap, ook door ons (zie bijvoorbeeld de kenmerken van een leider). ‘Leiderschap’ wordt dan vaak afgezet tegen ‘management’, waarbij de impliciete boodschap is dat managers het eigenlijk niet goed doen. En dat is wat erg kort door de bocht. Leiders zorgen voor een duidelijke richting en creëren randvoorwaarden om die richting te kunnen volgen. Dat laat onverlet dat er mensen moeten zijn die het beste uit andere mensen halen, die van mens tot mens enthousiasmeren. Uiteraard binnen de algemeen gekozen richting. Dit is het soort mensen dat iedereen zich later herinnert als ‘de beste baas die ik ooit gehad heb.’ (Overigens kunnen goede leiders ook vaak vrij behoorlijk managen…)

 

Wat doen deze hele goede managers anders dan andere managers?

Het blijkt dat deze managers zich realiseren dat elke persoon anders is, en vervolgens gebruik weten te maken van de unieke sterke punten van iedere individu. Dit valt uiteen in drie aspecten:

  • Identificeren van iemands sterke punten. De manager ontdekt dit door veel op de werkvloer te zijn en te observeren. Ook (door)vragen naar iemands leukste en minst leuke dag van de afgelopen drie maanden op het werk levert ontzettend veel informatie. De goede manager bouwt voort op de sterke punten. Dat zal betekenen dat twee personen met dezelfde functie andere taak- en verantwoordelijkheidsaccenten zullen krijgen! De ‘uitdagingen’, de zwakke punten dus, zal de manager alleen willen verbeteren voor zover, en in de mate waarin, ze een goed functioneren écht in de weg staan.
  • Ontdekken onder welke omstandigheden iemand gemotiveerd is om zijn beste prestatie te leveren. Dit is een belangrijk hoofdstuk in de ‘gebruiksaanwijzing’ van mensen. De ene persoon floreert als hij elke dag een complimentje van de baas krijgt, een andere excelleert wanneer hij onafhankelijk kan werken en weer een derde piekt tussen 15:00 en 19:00 uur. De goede manager zorgt dat elke persoon zoveel mogelijk onder de omstandigheden kan werken waarin hij floreert. Het wordt nu natuurlijk wel management op de vierkante centimeter, maar het is nuttig bestede tijd. De manager heeft er trouwens de tijd voor, omdat hij dankzij het vorige punt geen tijd kwijt is met het aan allerlei moeilijk te verbeteren zwakke punten te trekken…
  • Vaststellen welke leerstijl iemand heeft. Een analyticus leert anders dan een doener, die weer anders leert dan een kijker. Iedereen heeft zijn eigen voorkeurssamenstelling van deze leerstijlen. De goede manager zorgt dat hij iemand laat leren in diens ‘eigen’ leerstijl(en). Dus niet zomaar iedereen op verkooptraining, of iedereen een mentor.

Door deze drie aspecten slim (dat wil zeggen: voor iedere persoon op een eigen manier) te combineren, haalt de manager het beste uit zijn medewerkers. Er ontstaan niet allemaal middelmatige klonen, maar een team dat elkaar aanvult en versterkt. Goed voor de mensen, en goed voor de organisatie!

Bron: Harvard Business Review, maart 2005

Gerelateerde berichten

Niet meer mogelijk te reageren